Lucienne Damen

Persoonlijke website

Blogs

Tante Annie en ome Kees

Posted on January 11, 2021 at 4:20 PM

Als kind besefte ik niet dat er mensen in mijn leven waren die zomaar konden verdwijnen. En dan bedoel ik niet dat ze overlijden, want dat is onvermijdelijk. Maar dat mensen die je dagelijks ziet, ineens geen deel van je leven meer willen uitmaken. Inmiddels weet ik dat bepaalde mensen alleen in je leven blijven als je elkaar nodig hebt. Iedereen kan wel iemand bedenken die langzaam in de vergetelheid is geraakt, waar het contact mee verwaterd is.


Doordat ik de laatste tijd veel oude filmpjes van mijn vader aan het bekijken ben, kwam ik onze oude buren tegen. En ik herinnerde me dat dit oude stel eigenlijk altijd bij ons was. Ze zijn zelfs ook op de camping komen staan waar wij al stonden. Het was heel gewoon dat tante Annie en ome Kees bij ons sinterklaas kwamen vieren, al viel het mij wel op dat ze altijd binnen kwamen als de kado’s al gebracht waren, zo irritant dat ze nooit eens op tijd waren! Maar ook op onze verjaardagen waren ze er en met kerst. Zelfs toen mijn ouders 12,5 jaar getrouwd waren huppelden ze mee tijdens het feest. Zij waren een vaste factor in ons leven en we konden ook altijd bij ze terecht.


In mijn ogen waren ze toen al oud, ik heb het over begin jaren ’70. Ik heb geen idee hoe oud ze waren, maar ik schatte ze al over de zeventig. Zelf hadden ze geen kinderen, dus ook geen kleinkinderen. Wij woonden op nummer 8, naast ons de familie Holverda op nummer 10 en op nummer 12 woonden tante Annie en ome Kees Hageman. Opvallend dat we in die tijd heel veel ooms en tantes hadden en dat het soms moeilijk was om te onderscheiden wie nou echt familie was en wie niet. Maar deze mensen hadden een dusdanig respectabele leeftijd bereikt dat ook mijn ouders ze tante Annie en ome Kees noemden.


Eigenlijk konden we altijd bij ze terecht. Tante Annie hielp mij vaak met handwerkjes of gedichtjes en ome Kees was een echte knutselaar. Toen we op een leeftijd waren dat we met sinterklaas surprises gingen maken, fluisterden we hem in zijn oren wie we hadden getrokken en wat we gekocht hadden, met de vraag of hij een idee had wat we konden maken. Als je dan een paar dagen later bij ze kwam had hij een prachtige surprise gemaakt. Hij glom dan van oor tot oor als tijdens het uitpakken de complimenten door de kamer vlogen, al zou hij nooit zeggen dat hij het gemaakt had. Ik heb geen idee wat hij vroeger voor werk heeft gedaan, hij was al gepensioneerd in die tijd en hij sprak niet over vroeger. Alhoewel tante Annie nog wel eens liet vallen dat ze vroeger als dienstmeid had gewerkt.


Tante Annie was altijd vol bewondering over het feit dat mijn vader zo hard werkte voor zijn gezin. Overdag werkte hij voor zijn baas en in de avonduren spijkerde hij als meubelstoffeerder wat extra’s bij elkaar in ons kleine huisje.


Het was 1976 toen mijn ouders besloten een andere caravan te kopen. Tante Anne en ome Kees waren thuis toen deze geplaatst werd en om het een verrassing te houden zeiden we niets tegen ze. Als ze dan weer op de camping zouden komen, zagen ze ineens een nieuwe caravan staan. Maar in plaats dat ze gelijk op de koffie kwamen zoals altijd, liepen ze door en zeiden niets. “Ga eens even vragen of ze koffie willen” riep mijn moeder één van ons toe. Maar ze wilden niet en we hebben ze nooit meer gesproken. Wat de reden was dat (vooral) tante Annie boos was, hebben we nooit ontdekt. Het vermoeden is dat ze boos was vanwege de nieuwe caravan. En of het was dat ze er niet bij betrokken is geweest of dat ze de oude caravan had willen overnemen, we weten het niet. Maar voor ons als kind was het heel vreemd om deze vertrouwde mensen ineens niet meer in je leven te hebben.


Ergens had mijn moeder nog zoiets van: ‘als ze straks komen en ze vertellen wat er aan de hand was, vind ik het prima en zijn ze weer welkom.’ Maar dat sloeg om als een blad aan een boom toen ik samen met mijn moeder uit een taxi stapte nadat we uit het ziekenhuis kwamen. Voor onze deur stond de wijkagent te wachten en hij liep met ons mee naar binnen. Hij waarschuwde mijn moeder voor ‘dat mens van nummer 12’. “Ze heeft je man verraden dat hij zwart bij werkt” zei hij. “het is een gevaarlijke vrouw, daar wil je niet mee te maken hebben.” En dat was uiteindelijk ook wat er gebeurde. We hadden niets meer met ze te maken. Daar waar ze eerst vol lof over het harde werken van mijn vader sprak, probeerde ze hem nu te verlinken. De wijkagent ging er niet op in en mijn vader heeft er nooit meer iets over gehoord. Maar het was wel een gemene streek die ze leverde.


Op de camping liepen ze een andere route zodat ze niet langs onze caravan hoefden te lopen. Thuis was het vreemd om niet even bij ze naar binnen te lopen om iets te bespreken of te laten zien. We merkten wel dat ome Kees er erg veel moeite mee had en het duidelijk niet met zijn vrouw eens was. Maar ja, die man had niets te vertellen. Als we hem alleen troffen en gedag zeiden, zag je hem helemaal opfleuren.


Op een dag zagen mijn moeder en ik een ambulance in de straat bij nummer 12 voor de deur. Ome Kees verdween erin. We wilden dolgraag weten wat er aan de hand was en hebben uiteindelijk via via gehoord dat hij is overleden. Kort daarna zijn wij verhuisd en van tante Annie hebben we nooit meer wat gehoord. Wat moet die vrouw eenzaam zijn geweest op het laatst.


Ondanks dat het allemaal zo raar en onaardig verlopen is, heb ik nog wel warme herinneringen aan deze buren. Ze waren een soort oma en opa voor ons. Een schakel naar het verleden waar vooral tante Annie nog wel eens over vertelde. Ik had ze graag tot aan hun eind in mijn leven gehad, maar blijkbaar hadden zij ons niet meer nodig toen ze besloot om abrupt uit ons leven te stappen.


 

Categories: Familie